De tulp als gedoemde bloem
(Door Mieske van Eck)

Daniëlle Hermans schreef geïnspireerd door de tulpenmanie een spannend boek over hebzucht en moord. In de debuutroman Het tulpenvirus fantaseert zij erover hoe de windhandel uit de zeventiende eeuw, toen onverantwoord hoge bedragen werden geboden op veilingen van tulpenbollen, doorwerkt tot in onze tijd.
Hermans begint haar roman met de moord op de bekende herbergier en tulpenhandelaar Wouter Winckel in 1636 in Alkmaar. De tulpen die hij bezit, worden deels ontvreemd en deels geveild. De handel in tulpen is dan op een hoogtepunt. Er worden krankzinnige bedragen voor de bollen betaald. Na de Alkmaarse veiling stort de handel in. Talloze beleggers, die dachten gemakkelijk geld te verdienen, raakten aan de bedelstaf. Eén bol, de kostbaarste en zeldzaamste, is echter niet geveild en sinds de dood van Winckel zoek.
In de eenentwintigste eeuw wordt opnieuw een man vermoord, die iets te maken blijkt te hebben met tulpenhandel. De neef van deze Frank Schoeller en zijn vrienden proberen te achterhalen waarom. Hun zoektocht blijkt echter nogal gevaarlijk.
De tulpenhandel in de zeventiende eeuw is een boeiend historisch gegeven en het is eigenlijk vreemd dat er maar zo weinig thrillers aan zijn gewijd. Hermans schrijft er vlot en met kennis van zaken over en heeft er een boeiend eigentijds verhaal omheen geweven. Alleen blijven haar personages een beetje vlak en zijn ze niet allemaal even geloofwaardig.
Daniëlle Hermans - Het tulpenvirus. Uitgeverij A.W. Bruna, 301 pag.
Bron: Brabants Dagblad
Geen opmerkingen:
Een reactie posten