20 maart 2017

Tomas Ross - De onderkoning van Indië (2017)

DE GEHAAKTE ANTIMAKASSARS VAN WILLEM DREES

(Door Peter Kuijt)

Tomas Ross schreef in Omwille van de troon (2002) over vredesvoorstellen die prins Bernhard aan de nazi’s zou hebben gedaan, de zogenaamde Stadhoudersbrief. Het leverde Ross en andere publicisten die 'de grenzen van het fatsoen' zouden hebben overschreden een woedende open brief van de prins op. Ross bleef volhouden dat de bewijzen en bronnen voor zijn beschuldigingen klopten.

In zijn meest recente thriller De onderkoning van Indië, na Van de doden niets dan goeds het tweede deel van zijn trilogie over de voormalige kolonie gaat hij in op het hardnekkige gerucht dat de prins betrokken zou zijn geweest bij een machtsovername in Nederlands-Indië om er onderkoning te worden. 'Het definitieve bewijs ontbreekt, maar er waren méér speculaties over hem die op waarheid bleken te berusten', schrijft Ross' uitgeverij Cargo in het begeleidende persbericht.

Jazzklarinettist en voormalig inlichtingenofficier Arnie Springer moet in het voorjaar van 1947 zien te voorkomen dat communist Henri Meertens met een fortuin aan gestolen juwelen een huurlingenleger organiseert om in de Oost te vechten. Springer komt op het spoor van Meertens en een schimmige wapenhandelaar.

Ross eist met lange dialogen en vele karakters - er zijn ruim dertig bestaande en fictieve personages -de volledige aandacht van de lezer. Hierdoor dreigt de spanning af en toe de kuierlatten te nemen. De schrijver slaagt erin de tijdgeest goed weer te geven. Uitstekend voorbeeld is het bezoekje dat Springer bij toenmalige vicepremier Willem Drees thuis brengt, waar de gehaakte antimakassars op de fauteuils liggen en zijn vrouw soesjes bij de koffie serveert. Wat beklijft zijn de sfeervolle beelden, niet alleen van het naoorlogse Java, maar ook van het Amsterdam en Den Haag uit die tijden. De veelbesproken toko's doen de lezer terstond verlangen naar een portie saté kambing.

Tomas Ross - De onderkoning van Indië. Uitgeverij Cargo, 395 pag. Een verkorte versie van deze recensie stond op 28 januari 2017 in het AD.



Geen opmerkingen: